Jonathan Holslag On world order and disorder

De stille crisis van Portugal

“De crisis in Portugal is voorbij.” Eerste Minister Antonio Costa is er zeker van. “De overheid van dit land is blijven investeren, daardoor hebben we een economische catastrofe afgewend en staan bedrijven klaar om groei te genereren.” Een wandeling door de straten van Lissabon lijkt zijn verhaal te bevestigen. Overal worden nieuwe tramlijnen aangelegd, gebouwen opgeknapt en incubators voor startende ondernemers opgericht. Eén van die jonge ondernemers is Rodrigo Gomes. “Het wordt beter. Aanvankelijk leek de keuze voor jongeren beperkt tot werkloosheid in Portugal of een job in het buitenland. Maar er is een derde optie: ondernemen. De geschiedenis heeft ons lui gemaakt. Eerst haalden we geld uit de kolonies, daarna kregen we het van Europa. We hebben nooit een sterke industrie moeten ontwikkelen. Nu zullen we zelf werken voor ons geld en alles is aanwezig om het te maken.”

Het enthousiasme is aanstekelijk en de overheid wakkert het verder aan met slogans in de straten. “Dit is niet Silicon Valley, dit is Portugal en hier zal het gebeuren.” Zelfs de strenge Duitse Minister van Financiën, Wolfgang Shauble, prees dat Portugal op de goede weg is. Helaas blijft het Portugese succes erg fragiel. Sinds 2009 hebben 2,200 nieuwe bedrijven in de informatica liefst 13,000 nieuwe banen gecreëerd. Diezelfde periode verdwenen elders echter 600,000 banen. De maakindustrie is ondanks forse loonmatiging niet gegroeid. Het belangrijkste euvel blijft dat het herstel afhankelijk is van overheidsuitgaven. Aan de ene kant heeft de overheid geprobeerd om wat te bezuinigen op bijvoorbeeld pensioenen en in te zetten op innovatie, maar aan de andere kant heeft zij zich nog méér in de schulden gewerkt en blijven Portugese banken zitten met miljarden aan rommelkredieten. Rodrigo beaamt: “Een nieuwe crisis zou gevaarlijk zijn en de beperkte hoop vernietigen.”

Belangen

Ondanks het optimisme van de regering is de Portugese crisis dus helemaal niet voorbij en dat is slecht nieuws voor de rest Europa. Het uitblijven van krachtige groei toont de beperkingen van het huidige Europese economische beleid: de combinatie van soberheid en geldverruiming zet alvast in Portugal bedrijven onvoldoende aan om te investeren en mensen aan te werven. Sérgio Sousa Pinto, een zwaargewicht van de regerende sociaal democratische partij is scherp: “Deze muntunie is slecht voor ons. De Euro zorgt ervoor dat we goedkoper kunnen lenen, maar maakt onze uitvoer te duur. Wat we ook proberen: rijke landen worden rijker, arme landen worden armer. Alles wordt gedicteerd door de Duitse nationale belangen. Wat moeten we doen? Europa vraagt dat overheid nog minder uitgeeft. Denkt u echt dat we hier dan een nieuwe industriële revolutie zullen zien? Met deze politiek kopen we slechts tijd. De toekomst van de Euro en Europa staan op het spel.”

“Portugal legt de systeemfout van de Europese economie bloot,” stelt ook Ines Domingos, een parlementslid van de grootste oppositiepartij, “Natuurlijk was Portugal niet klaar voor de muntunie. Binnen de muntunie zouden landen als Duitsland het geld dat ze met hun uitvoer verdienen eigenlijk moeten investeren in landen als het onze maar net omdat de Duitsers zoveel uitvoeren is het zo moeilijk om hier in bijvoorbeeld een maakindustrie uit te bouwen en blijven we vooral investeringen aantrekken in toerisme en vastgoed. Portugal blijft erg fragiel en daardoor ook de Eurozone. Gezinnen kunnen onvoldoende sparen, de overheidsschulden zijn gigantisch en daarnaast hebben we een verdoken schuldenberg opgebouwd in allerlei publiek-private partnerschappen. We zijn Europa erg genegen, maar met dit economisch beleid komen we er niet.”

base-das-lajes1

Lajes Air Base, Azoren

Er staat meer op het spel dan economische belangen en de toekomst van de muntunie. Portugal is ook van groot geopolitiek belang voor de rest van Europa. Het vormt de poort tussen de Atlantische Oceaan en de Middellandse Zee. Bijna de helft van de Europese maritieme handel passeert via Portugese wateren. Portugal is een van de belangrijkste knooppunten van de onderzeese kabels die de telecommunicatie tussen de continenten mogelijk maken. De Azoren, een eilandenarchipel in het midden van de Atlantische Oceaan, zijn ook een onmisbare militaire hub voor operaties in Afrika, voor transportvliegtuigen en voor inlichtingenvergaring. Tijdens de Koude Oorlog waren de Amerikanen er daarom als de dood voor dat Portugal in de greep zou komen van het communisme en vandaag stellen Amerikaanse Congresleden kritische vragen over de Chinese belangstelling voor de Azoren en het Portugese telecommunicatienetwerk. De voorzitter van het inlichtingencomité van het Amerikaanse Congres benadrukte recent nog hoe belangrijk Portugal wordt voor het volgen van Russische en mogelijk Chinese nucleaire onderzeeboten.

Maria

page14_pnr_protest

PNR-demonstranten in Lissabon

Portugal blijft echter vooral belangrijk als bolwerk tegen politiek radicalisme en dictatuur. Op één van de keurig heraangelegde pleinen troepten enkele dozijnen potige kerels met spandoeken samen, leden van de Nationale Renovatiepartij (PNR), een partij tegen Europa en tegen migratie. De PNR blijft voorlopig erg klein en de meeste Portugezen zijn als de dood voor extreemrechts. Toch broeit er wat, zo getuigde ook Maria de Jesus Andrade, een gepensioneerde lerares die in een rustige volksbuurt een eind buiten het centrum van Lissabon woont. “Er zijn opnieuw reactionaire krachten aan het groeien. Ik voel dat. Sinds enkele jaren praten taxichauffeurs weer openlijk over de terugkeer naar de dictatuur en op mijn Facebook zie ik heel veel woedende witte mannen.”

Maria huivert bij de gedachte aan de terugkeer naar wat zij de grijze periode noemt, de tijd onder het van Antonio Salazar en de onrust die op zijn dood in 1970 volgde. “Het is niet eens zo lang geleden. Studenten werden in de gevangenis gegooid. Mijn vader was in het leger, maar hij wilde een goede toekomst voor me. Onder Salazar moesten de meeste vrouwen het paspoort van hun man gebruiken, maar mijn vader bevrijdde me en regelde mij een eigen paspoort. Het was studenten verboden te lezen tenzij goedgekeurd door hun vaders. Mijn vader schreef één voor één in mijn boeken: ‘Ik autoriseer het lezen van dit werk.’ Op een dag kwam hij thuis met enkele foto’s van vriendinnen. ‘Pas maar op dat je er nier mee gezien wordt, want je gaat naar de gevangenis en je hebt astma.’”

Maria legt uit hoe het vele jongeren verboden werd te studeren, hoe boeken stiekem werden ingevoerd, hoe vrouwen tweederangsburgers werden en hoe jonge mannen werden naar Angola en Mozambique gezonden om er te vechten voor het behoud van het rijk. “Salazar kwam aan de macht met de belofte de orde te herstellen en dat sloeg vooral aan bij de mensen die het moeilijk hadden. Hij wilde het land afsluiten, opnieuw tot een dorp maken. Het was alsof ze elkaar aanmoedigden, Fransisco Franco in Spanje en Salazar in Portugal. Hij beloofde verandering, maar een zwarte nacht daalde op ons neer. De meesten aanvaardden het gelaten, miljoenen anderen migreerden. De armoede was ondragelijk. Mensen hadden geen verwachtingen meer.”

Verandering

De dictator stierf in 1970 en in 1974 volgde de Anjerrevolutie. “Ik was in het ziekenhuis. We hoorden tanks en geweren. We hielden onze adem in. We dachten dat extreemrechts een staatsgreep had gepleegd tegen de hervormingsgezinde regering. Mijn vader belde dat we binnen moesten blijven, maar het was het begin van de vrijheid. Soldaten die het vechten in de kolonies moe waren brachten ons democratie. Het grijze land klaarde op. Er was Europa. In plaats van één staatstelevisie die ons dom hield, waren er plotseling vier en er waren echte debatten. Het was een sensatie. Vooral voor ons vrouwen veranderde er heel erg veel. Mijn moeder is erg gelovig. Na een referendum over de legalisering van abortus vroeg zij om een knuffel. Toen ik vroeg waarom, zei ze dat een priester niets meer met het lichaam van een vrouw te maken mag hebben. Nee, naar die tijd van Salazar wil ik echt niet terug.”

Wat ze van de huidige toestand in Portugal vindt? “Kijk: een derde van mijn pensioen werd afgepakt om de banken te redden. De dingen zijn een beetje verbeterde, maar veel jongeren verlaten het land. Een collega van mij heeft nu opnieuw haar zoon en dochter op haar appartement met vier kleinkinderen. De kerk helpt hier en daar. Er is flink wat fatalisme. Ik zelf hoop dat ik vanuit de kosmos zal zien dat de wereld een betere plaats wordt, maar veel slechte ideeën die ik eerst onmogelijk achtte, maken opnieuw opmars. Verschillen worden niet langer getolereerd en er is heel veel onzichtbare haat.” Bij het verlaten van haar kleine flat die afgeladen is met foto’s en portretten, houdt Maria me een laatste keer staande: “Zeg vooral in Brussel dat ze wat geduldig met ons zijn. We proberen aan de weg te timmeren, maar het is niet gemakkelijk.”

Leave a Reply